Nieuws van de ZWO
De kerk heeft geen ‘onopgeefbare relatie’ met de staat Israël
Een zo sterk woord als onopgeefbaar maakt duidelijk dat het niet om een menselijke keuze gaat. Dit woord gaat terug op God zelf.
God heeft Israël niet opgegeven en blijft trouw aan zijn verbond met Israël. ‘God heeft zijn belofte niet gebroken’ (Romeinen 9:6).
‘De genade die God schenkt neemt hij nooit terug, wanneer hij iemand roept maakt hij dat niet ongedaan’ (Romeinen 11:29).
En daarom kan de kerk Israël evenmin afschrijven.
De boom van de Schriften
De verbondenheid met het volk Israël is een verbondenheid met wat Paulus de ‘edele olijfboom’ noemt. ‘Het heil is uit de Joden’,
heeft Jezus gezegd. God is begonnen met Abraham. De weg van God met Israël loopt uit op Jezus, de Messias.
De volkeren worden door Jezus verbonden met deze weg van God met Israël. Als heidenen worden ze op de olijfboom gestekt. Dat is de boom van de Schriften, van de apostelen en profeten, van het geloof van Israël zoals in de Psalmen verwoord. Het is Jezus Christus zelf, in wie de beloften van God aan Israël ja en amen zijn geworden.
Afgebroken takken
Het overgrote deel van Israël gelooft niet in Jezus als de Messias. Het zijn de takken die volgens Paulus zijn afgebroken van de boom. Dat zullen die takken hem zelf niet nazeggen. Er is een Jodendom dat zich als voortzetting ziet van het bijbelse Israël. Er is een dubbele voortzetting van het bijbelse Israël: de kerk, die de Schriften van Israël leest vanuit het licht van het geloof in Jezus als de Messias. En het ‘religieuze’ Jodendom, dat deze Schriften leest in het licht van de Joodse overlevering en geschiedenis. De kerk kan niet negeren dat deze lezing er is. Ze zal daarom het gesprek met dit Israël over de Schriften voeren.
Dat spreekt de Kerkorde ook uit: ‘als Christus-belijdende geloofsgemeenschap zoekt zij het gesprek met Israël inzake het verstaan van de Heilige Schrift.’ (Artikel I,7) Dat er takken zijn afgebroken is een sterk woord. Hoe verhoudt zich dat tot het woord: ‘God heeft zijn belofte niet gebroken’? Beloften en trouw zijn geen veilig bezit van mensen. God richt op en breekt af. Het oordeel van God begint bij het huis van God. Bij Israël, zoals het Oude Testament duidelijk maakt. En volgens de brief van Petrus ook bij de kerk. God oordeelt rechtvaardig. Onrecht kan nooit worden gelegitimeerd. Wie dit met
een beroep op de Schriften doet, misbruikt ze. Overigens: afbreken van takken is werk van God, niet van mensen. Voor de kerk geldt: wie staat, ziet toe dat hij niet valt.
In Gods hand
De huidige staat Israël kan niet los worden gezien van het Joodse volk. Een groot deel van de Joden woont in Israël. Dit volk is niet ondergegaan in de gaskamers van Europa. Het heeft nu een eigen land en staat.
Voor het Jodendom nu is dat van wezenlijk belang. Zeker in het licht van de geschiedenis van de Joden in het Westen is er bij vele christenen een sterk gevoel van verbondenheid met de staat Israël. Of met dit alles bijbelse beloften in vervulling zijn gegaan, is een vraag die Joden en christenen bezighoudt. Mijns inziens rust dit in Gods hand en moeten we het daar laten. De kerk heeft geen ‘onopgeefbare relatie’ met een staat, ook niet met de staat Israël.
De kerk moet ervoor waken wat de staat Israël doet, te legitimeren op grond van bijbelse profetieën. Daarmee worden op voorhand de oren dichtgedaan voor de roep om gerechtigheid van Palestijnse broeders en zusters, gericht aan de kerk.
De kerk is er evenmin toe geroepen de staat Israël aan hogere normen te onderwerpen dan andere staten in de wereld. Algemeen gesproken geldt dat het niet het belangrijkste is dat de kerk in Nederland oordeelt over de politieke situatie, maar dat ze steun geeft aan initiatieven van verzoening tussen Joden en Palestijnen.
Arjan Plaisier
Dr. Arjan Plaisier is scriba van de generale synode van de Protestantse Kerk in Nederland.
Uit het blad Kerk en Israël Onderweg, maart 2012.